Didactische achtergrond bij de introductie les van de nieuwe lesserie over verschillen tussen mensen.

Samen met drie andere collega vrijwillige educatie medewerkers van het Etty Hillesum Centrum te Deventer ben ik (als vrijwilliger) betrokken geweest bij het ontwikkelen van een nieuwe lesserie over verschillen tussen mensen. “Beter samenleven” is het sub motto van het centrum en binnen dat kader hebben we een lesserie ontwikkeld voor basisschoolleerlingen groep 5 en 6 met als doel dat leerlingen zich bewust worden van verschillen tussen mensen. De leerling krijgt gereedschap, waarmee ze een eigen mening en houding ontwikkelt en oefent.

Mijn rol was het letten op de didaktiek en het proces. Het didactische model1 – OE2R – was het onderwijskundige uitgangspunt samen met aandacht voor bewegen.

De eerste les vindt plaats in het Etty Hillesum Centrum. In die les gaan de leerlingen aan de gang met de begrippen ‘Gewoon’ en ‘Anders’. Ze onderzoeken en ervaren dat iedereen ‘anders’ is, en dat daarin iedereen zijn eigen waarde heeft. Na een speelse opening (cross the line) volgen er 5 opdrachten van 10 minuten die de leerlingen in groepjes uitvoeren. De titels van de opdrachten zijn: Hoe ga ik om met andere leerlingen; Zelfportret; Gewoon of Vreemd; Nieuwe klasgenoten; Naamdicht. Ter afsluiting vertelt uit elk groep een leerling iets over de opdracht en draagt een bouwsteen bij aan een rebus. Deze vormt de woorden  “Anders is heel gewoon“.

Daarna volgen er twee muzieklessen op school rond hetzelfde thema. De leerlingen reageren in groepsverband op muziek, spel en beweging. Zingen, rappen, improviseren, je eigen en elkaars stem ervaren, concentratieoefeningen, ritme- en maatspelen, fantasie en beleving zijn de bouwstenen van de twee lessen. Zij stimuleren het plezier in het `met elkaar het verschil maken`.

Het didactische model1: OE2R

Oriëntatie: Het doel wordt verhelderd, er wordt een beeld gegeven van het de eindresultaat en voorkennis wordt geactiveerd

Exploratie: De leerling gaat aan de slag. De leerling leert door het zelf te ervaren.

Evaluatie: Korte nabespreking per opdracht. De leerling wordt uitgedaagd de nieuwe kennis te gebruiken.

Reflectie: Het wordt de leerling duidelijk hoe de aangeleerde kennis en vaardigheden kan worden gebruikt in nieuwe situaties.

Betere leerprestaties door bewegen in de les2.

Dat bewegen belangrijk is blijkt uit een driejarig onderzoek van het Universitair Medisch Centrum Groningen en de Rijksuniversiteit in die stad. Leerlingen die op de basisschool les krijgen terwijl ze daarbij bewegen, kunnen beter rekenen en spellen. Zij liggen na twee jaar vijf maanden voor op hun leeftijdsgenootjes die tijdens de taal- en rekenlessen in de schoolbankjes blijven zitten. Ook blijft het gewicht van de springende leerlingen gelijk, terwijl de zittende leerlingen zwaarder worden

Na de speelse opening vol beweging wordt het doel van de les geformuleerd (Oriëntatie). Daarna volgen er opdrachten waarbij na 10 minuten een bel gaat en de leerlingen wisselen. Per opdracht krijgt de leerling instructie en gaat actief aan de slag (Exploratie). Aan het einde van elke opdracht wordt de leerling uitgedaagd de nieuw aangeleerde kennis te gebruiken in een volgende opdracht (Evaluatie). Tenslotte is er een rebus als afsluiting waarbij getoetst wordt of het doel is gehaald (Reflectie).

De leerlingen vonden het een leuke les. In de twee volgende muzieklessen wordt steeds een koppeling gemaakt met de verworven kennis uit de introductie les.

  1. Bolhuis E, Hoorn H en Veldhuis T (2003) Kennis als Gereedschap Activerend leren. VMBO-Serie Wisselwerk nr. 6. Garant Antwerpen-Apeldoorn.
  2. PO-raad (2015) Betere leerprestaties door bewegen in de les. https://www.poraad.nl/nieuws-en-achtergronden/betere-leerprestaties-door-bewegen-in-de-les

Anders is gewoon

Anders is geoon

Zie ook: www.facebook.com/ettyhillesumc

 

Reinder Vrielink