Volgens het Algemeen Dagblad van 11 januari 2018, is het aantal leerlingen op het vmbo opnieuw met duizenden afgenomen. Volgens het AD zien ouders hun kinderen liever naar havo en vwo gaan. Maar lang niet alle leerlingen halen dat niveau en moeten later alsnog een stapje terug doen, constateren middelbare scholen.
Dit schooljaar zijn ruim 2.000 leerlingen minder in de derde klas van het vmbo terechtgekomen dan het jaar ervoor, blijkt uit een analyse van leerlingen op middelbare scholen door het AD. Het totale aantal scholieren dat in de derde klas zit, steeg juist iets. Die extra kinderen zitten vooral in havo- en vwo-klassen. In de basisberoepsgerichte leerweg is de daling het grootst. Daar zitten dit jaar 8% minder leerlingen in de derde klas ten opzichte van het vorige jaar.
Volgen het AD bestaat het idee dat leerlingen maar beter geen beroepsopleiding kunnen doen, omdat een theoretische opleiding, zoals havo en vwo, beter is. Dat het beroepsonderwijs belangrijk is, staat voor scholen als een paal boven water. Vakmensen zijn keihard nodig. Bedrijven zien de krimp met lede ogen aan. De regering wil de komende jaren het beroepsonderwijs versterken. Er komt onder meer 100 miljoen euro om de technische richtingen van het vmbo te verbeteren. Tegelijkertijd vindt het ministerie de doorstroming van leerlingen naar hogere niveaus een positieve ontwikkeling, omdat ze betere kansen zouden krijgen bij vervolgopleidingen en op de arbeidsmarkt.
De daling van het aantal leerlingen op het vmbo is een rechtstreeks gevolg van falend onderwijsbeleid door de overheid. In de negentiger jaren werd het lbo omgevormd tot vbo en in 1999 werd het vmbo ingevoerd. Intra sectorale leerwegen en vaak een veralgemenisering! De naam mavo mocht blijven bestaan. Het vmbo werd onderdeel van brede scholengemeenschappen met schoolleidingen met weinig of geen wortels in het beroepsonderwijs.
Het was de bedoeling dat minder leerlingen op het havo/vwo terecht kwamen en meer op het vmbo. Doorstroming naar het havo/vwo zou moeilijker worden met de invoering van het vmbo en het afschaffen van de mavo. Nu blijkt dat de mavo helemaal niet te zijn afgeschaft en overal weer is herrezen. Er stromen steeds meer leerlingen door. Doordat er steeds minder leerlingen komen als gevolg van geboortedaling, ontstaat er binnen scholengemeenschappen vaak een zuigende werking naar boven om zo de bovenbouw vwo in stand te houden.
Door druk van ouders zullen leerlingen op een hoger niveau instromen dan op grond van de CITO toets aannemelijk is. Deze wordt juist nu later (de keuze is al gemaakt) afgenomen.
Hoe komt het toch dat het animo om een vak te leren zo gering is? Dan heb ik het niet alleen over technische vakken, ook aan koks ontstaat een groot gebrek. Er wordt neergekeken op iemand met een werkpak aan.
Komt het geld dat bedoeld is voor de basis- en kaderberoepsgerichte leerweg daar wel terecht? Wordt er voldoende geïnvesteerd in zowel apparatuur als personeel? Terug naar zelfstandige scholen voor beroepsonderwijs met een eigen identiteit, waar leerlingen en docenten weer trots op kunnen zijn. Ook een betere betaling voor vaklieden en een vast contract door werkgevers. Dit zijn zaken waar winst op te behalen valt.